• 1

Kerkgebouw

Voorafgaand aan de huidige kerk weten we dat er een kapel toegewijd aan H. Catharina heeft gestaan. In 1583 werden immers door de bisschop van Roermond goederen aan deze kapel geschonken. Vervolgens vinden we in 1716 gegevens over de restauratie van de toenmalige kerk. De kerk verkeerde in slechte staat. Een deel van de toren, het dak en de zolders moesten zo spoedig mogelijk gerestaureerd worden.

Vanaf 1800 wordt de toestand rond de kerk duidelijker. Zo weten we dat in 1811 de oude kerktoren en de pastorie gerestaureerd werden. In 1832 verrees een nieuwe kerk. Een waterstaatskerk. De kwaliteit van deze kerk is bijzonder slecht en vertoont al snel mankementen. In 1838, nog geen 6 jaar later moeten al vier ijzeren balken in de kerk gelegd worden om het gebouw te verstevigen.

De kerk wordt pas op 8 juli 1855 geconsacreerd door Mgr. Paredis, bisschop van Roermond. Aan het einde van 19de eeuw groeit de bevolking van Schimmert aanmerkelijk waardoor de kerk te klein werd.

Ook komen er steeds meer mankementen aan de kerk. Het idee voor een nieuwe kerk komt dan ook snel bovendrijven. Op 20 maart 1909 valt in de Limburger Koerier te lezen dat het kerkbestuur het plan heeft opgevat om een nieuwe kerk te bouwen. De toenmalige Pastoor Nijssen heeft zich ingezet om tot een bouw te komen. Hij gaf architect Ramaekers uit Geleen opdracht een tekening te maken. Intussen deden de mensen van Haasdal een poging om de nieuwe kerk te laten bouwen aan "de weegschei", het huidige Oranjeplein. Men sprak zelfs over het bouwen van twee kerken. Het is echter bij een poging gebleven. In 1910 maakten de pastoor en de kapelaan een rondgang door de parochie en de mensen zegden Fl. 22.000,- toe. Het kerkbestuur liet in 1914 brikken bakken op het tegenwoordige kerkhof. Hoewel 300.000 stenen gebakken werden, viel de zaak toch nadelig uit. De steenbakkers telden in hun eigen voordeel. Pastoor schrijft dan ook terecht in de annalen: "Het is niet al te best uitgevallen". In 1915 komt een andere ploeg brikkenbakkers, maar door de dure kolen, de verregende zomer en de stijgende inflatie lopen de zaken spaak. Voeg daarbij nog de Eerste wereldoorlog met zijn perikelen en de Pastoor besluit van zijn plan af te zien en de gebakken brikken weer te verkopen.

Het voornemen om een nieuwe kerk te bouwen verdwijnt echter niet. Zijn opvolger Pastoor Roebroek en diens kapelaan Peerboom zullen uiteindelijk de draad weer oppakken. Jacques Vankan uit Schimmert en Joseph Cuypers (zoon van de bekende Pierre Cuypers) maakten plannen, maar uiteindelijk werd gekozen voor de plannen van Cuypers.

Voor het bouwen van deze kerk was echter weer geld nodig. Pastoor en kapelaan gingen op bedeltocht. Het geld kwam er en uiteindelijk werd op 17 april 1924 het werk definitief gegund aan de aannemer Turlings uit Pey-Echt. De kerk zou in 2 fasen gebouwd worden, zodat de diensten in de oude kerk gewoon konden doorgaan. Eerst het transept met priesterkoor. Daarna de hoofdbouw met toren. In eerste instantie was men nog niet zeker of er wel een toren gebouwd zou worden. Om daar duidelijkheid over te krijgen had de toenmalige gemeenteraad een volksvergadering opgeroepen. Haar besluit was duidelijk: een kerk met toren. Dat betekende wel dat de extra Fl. 30.000,- door de gemeente betaald zou worden.Een volgend obstakel bij de bouw van de kerk was het kerkhof rond de toenmalige kerk. De nieuwe kerk zou immers voor een groot deel hierop komen te staan. De mensen hebben toen toestemming moeten verlenen voor het verplaatsen van de stoffelijke resten naar het nieuwe kerkhof. Een deel van de stoffelijke resten is blijven liggen. Aldus kan men zeggen dat de kerk letterlijk en figuurlijk werd en wordt gedragen door de inwoners van Schimmert. Men kon met de bouw beginnen en de eerste steen werd gelegd op 27 juli 1924. Bij de bouw van zulk een gebouw kwamen de nodigde handen kijken.
Handen in de vorm van vele inwoners die grond , mergel of andere zaken transporteerden met kar en paard.
Handen in de vorm van hand- en spandiensten. En dat natuurlijk Pro Deo.
Handen in de vorm van vaklieden: timmermannen, metselaars, blokbewerkers, steenkappers enz.
Dit alles leidde ertoe dat in 1926 de kerk voltooid werd. De kerk werd van binnen aangekleed met spullen uit de oude kerk: o.a. beelden, godslamp, kruisweg, doopvont, hoofdaltaar en de altaren van Maria en St. Remigius. Nieuw waren de altaren van St. Joseph en St. Gerardus, de preekstoel, het triomfkruis en een derde luidklok. De kerk werd op 15 juni 1932 door Mgr. Lemmens geconsacreerd. Uiteindelijk heeft de kerk Fl 200.000,- gekost. Maar in 1932 bracht het fruit in Schimmert de kapitale som van Fl. 200.000,- gulden op. Hetgeen een boer deed zeggen: "Onze Lieve Heer heeft onze kerk weer terugbetaald".

Enkele bouwkundige gegevens:

Stijl: Neogotiek
Materiaal: zandsteen, mergel, graniet, hout, koper

Maten:
hoogte dakgoot: 17 meter
hoogte nok: 25 meter
hoogte metselwerk toren: 42 meter
hoogte spits: 20 meter
hoogte kruis: 3 meter
lengte: 55 meter
breedte: 22 meter

Pastoor

J.A.M. van Oss s.m.m.
Montfortstraat 2
6333 BL Schimmert
045 - 404 1227
j.v.oss@st-remigius.nl

Klooster

Montfortanen Schimmert
(Saint Marie)

045 - 404 8111

 

Kapelaans

Pater Stefan Musanai s.m.m.
Pater Charles Leta s.m.m.

Links